Nederlands op Doedans

 Elke 2 jaar wordt in Vierhouten “Doedans” georganiseerd. Een openlucht dansactiviteit met 1000 tot 2000 volksdansliefhebbers, die volop workshops volgen en van optredens kunnen genieten. Over het algemeen erg veel buitenlandse dansstijlen.
Dit jaar was het weer zover en men had als rode draad “Nederlandse dans” gekozen. Dit werd nog versterkt door uitbrengen van een CD en een boekje met dansbeschrijvingen van “20 Andere Nederlandse dansen” Dansen die gemaakt zijn door dansleiders en nog niet eerder zijn vastgelegd.
Op zaterdag waren er de gehele dag workshops door de 10 dansleiders die “hun/haar”dans uitlegden. Zo goed als allemaal begeleid door “hun/haar” orkest. Het was leuk om te zien dat enerzijds deze workshops zeer goed bezocht werden, anderzijds dat het een zeer gevarieerde serie dansen is geworden. Het lijkt een waardevolle aanvulling op het Nederlandse volksdansrepertoire.
Een van de dansleidsters, Elske Hoen zal in Utrecht beginnen met een speciale cursus,  met de betreffende dansen.
Zaterdag was er in de openlucht theater eerst een voorstelling van een viertal groepen, waarvan Iduna 2 Nederlands choreografieŽn bracht van Guus van Kan. De eerste  was een medley van Nederlandse liedjes uitgevoerd door een groepje op klompen, waarbij de klompen als enige muziekinstrument werden gebruikt. Een zeer leuk geheel, waarbij je enerzijds ziet hoe je ook levende muziek kunt maken, anderzijds hoe je met klompen erg leuk kunt omgaan.
De tweede serie was een boeiende serie, waaruit je kunt zien dat volksdansen op een podium door jongeren gebracht, goed concurreren tussen de buitenlandse series.

 ’s Avonds was er in de grote voorstellingstent een voorstelling met alleen Nederlandse groepen: 5 federatiegroepen en 3 andere groepen: FDA uit Amersfoort, Quadans en Piet Hein.
De tent was goed vol, ondanks de concurrentie van 2 andere parallelle activiteiten met meer buitenlands repertoire.
Als geheel kunnen we van zo’n voorstelling stellen dat alle optredens goed verzorgd en  leuk waren om te zien, maar dat met deze kwaliteit banken de voorstelling te lang duurde. 5 Federatiegroepen waren in deze omgeving ook te veel. Op een federatiefestival is het best leuk, maar hier liep het publiek te gemakkelijk tussen de groepsoptredens naar iets anders toe. Als er 3 federatie groepen en 3 anderen waren geweest dan was de balans mijn inziens beter geweest, nu naar onze smaak was het iets te veel van het goede.
De voorstelling werd geopend door Walacra met Zeeuwse dansen. Hierna nam de directrice van het NCV, Ineke Stroucken het woord over de nieuwe CD met “andere Nederlandse dansen”: voetje voor voetje. Ze vond het een waardevolle vastlegging van de huidige cultuur. Ze haalde de nestor (of nestrice?) van volksdansen in Nederland: Femke van Doorn naar voren en overhandigde haar een exemplaar van de CD. Vervolgens traden de Schermer dansers uit Wijdenes op, een federatie groep met een verrassend jonge groep. Quadans  met het orkest Bravade in Hollands glorie was natuurlijk iets geheel anders, vol vernieuwing en in fantasiekostuums. Vernieuwend maar te lang. De Hakkespits bracht hierna oa Thei zinne polka van de nieuwe CD. De Snitser skotsploeg ging verder met een Friese suite waarna het FDA, met het orkest Radostan de  choreografie Pierement van Karel Wijnand danste, in Volendams en Markens kostuum. Tot slot de federatie groep uit Markelo en de voorstelling werd met Piet Hein afgesloten, begeleid door het orkest Pendel.

Als geheel waren alle groepen leuk om te zien en was het een mooi voorbeeld van oude en nieuwe Nederlandse dansen.

Riekje en Max van Hofweegen